Archive for the ‘Huize theefiets’ Category

You are currently browsing the archives for the Huize theefiets category.


Opgeruimd staat netjes?

In een oeverloze poging om mijn huis op te ruimen haalde ik drie grote zakken vol kleding uit mijn kasten. Ik overdrijf: het waren twee gemiddelde huisvuilzakken en één uit de kluiten gewassen Komo. In ieder geval genoeg om met de auto naar de containers van het Leger des Heils te rijden, maar te weinig om echt verschil te maken in mijn huis.

Nooit eerder leverde ik kleding in bij het Leger. Meestal bracht ik mijn lompen bij mijn ouders, die ze netjes bewaarden totdat de plaatselijke Caritas weer een transport naar Polen of Roemenië organiseerde. De ReSharecampagne van het Leger heeft echter bij minstens één persoon tot bewustwording geleid: waarom moeilijk doen als het simpel kan? Read the rest of this entry »

Aan het inbrekersgilde van Twente,

Vandaag kreeg ik groen licht: van 5 tot en met 20 september heb ik vakantie. Aangezien ik momenteel geen geld heb voor leuke reisjes – er valt sowieso weinig bij me te halen – blijf ik in die periode thuis. U moet er dus rekening mee houden, dat u op uw zoektocht tussen stapels bladmuziek, kleding van de Takko, een verdwaalde Nokia 3310 en kringloopmeubels, plotseling oog in oog kunt komen te staan met de officiële bewoonster van huize theefiets. Wees niet bang, sinds zij niet meer samenwoont met haar grote zus doet zij niet aan geweld en wellicht biedt ze u een kopje koffie aan. Om inkomstenderving te voorkomen, raad ik u echter aan in uw professionele bezigheden huize theefiets begin september over te slaan.

Met vriendelijke groeten,

 Janneke Achternaam

Multimuzikaal

Mijn straat is niet multicultureel te noemen. Hoewel er buiten de Nederlandse wel enkele andere nationaliteiten vertegenwoordigd zijn, bestaat het overgrote deel van de inwoners uit echte tukkers. Multi is mijn straat echter zeker.

Starters en gepensioneerden, werkenden en werklozen, alleenstaanden, hetero- en homoseksuele stellen en zelfs enkele gezinnen, met of zonder huisdieren, sporters, kunstenaars en muzikanten, alcoholisten, blowers en snuivers, fietsers, automobilisten en vrachtwagenchauffeurs, maar allemaal lijken ze één ding gemeen te hebben: ze houden van muziek.

En zo gebeurt het, dat ik ‘s middags in de tuin zit met mijn boekje. Uit de speakers, via de geopende achterdeur, klinken Bob Dylans bekendste nummers, totdat de cd afgelopen is. Ik blijf zitten. In mijn linkeroor dwarrelen de vrolijke klanken van muziek uit het moederland van mijn Iraakse schuinbovenburen. Rechts naast me wordt hardstyle gedraaid met de volumeknop zoals die in dit genre bedoeld is. Boven me de grootste hits van het laatste decennium, terwijl uit de verte een geheime zender klinkt. En dan blijkt de organiste van de nabijgelegen kerk – mijn “tuinhuisje” – zich uit te leven. Ik glimlach.

Mijn straat is niet multicultureel te noemen. Wel multimuzikaal.

Noaberplicht

Had ik net geschreven dat ik mijn bovenbuurman nauwelijks nog spreek, staat hij opeens voor mijn deur. Hij had een pakketje voor me, en na een tijdje aan de deur gekletst te hebben nodig ik hem uit wat te komen drinken.

Dat had ik beter niet kunnen doen. Op melk en karnemelk na is het enige drinkbare in mijn koelkast een flesje cola met een houdbaarheidsdatum van een halfjaar geleden. Dan maar een flesje wijn opentrekken, zeg ik, terwijl ik mijn kurkentrekker zoek. Als ik na enkele minuten nog steeds aan het zoeken ben, zegt de buurman dat hij best even wat wil ophalen van boven. Biertje dan maar?

En zo drinken we spontaan een biertje met elkaar, de man die nog drie dagen mijn bovenbuurman zal zijn en ik. We kletsen wat bij over zijn huis, mijn werk en onze straat, want daarover valt altijd genoeg te vertellen. Zo horen buren te zijn, bedenk ik me weemoedig terwijl de bovenbuurman een uurtje later mijn voordeur achter zich dichttrekt, maar niet voordat we hebben afgesproken dat ik binnenkort zijn nieuwe huis kom bekijken. En dat ik dan voor het bier zorg.

(Wie niet weet wat noaberplicht is, klikt hier.)

Goedkeuring

Ik heb niet zo veel contact met mijn buren. Alleen mijn bovenbuurman spreek ik met enige regelmaat, zij het tegenwoordig voornamelijk nog via hyves. Hij gaat namelijk verhuizen en is al maanden aan het klussen in zijn nieuwe woning. Ik vind het jammer dat hij vertrekt, ik heb nooit last van hem gehad en belangrijker nog: hij zegt geen last te hebben van mijn muziek. Als ik piano, gitaar of saxofoon speel, belt hij niet met een kwade kop aan en hij alarmeert ook niet de politie. Zelfs toen ik na een gezellig kroegavondje een paar muzikale cafégangers uitnodigde voor een biertje in mijn huis, waarna er een complete jamsessie ontstond met piano, gitaren, mondharmonica’s en Afrikaanse trommeltjes, werd mijn bovenbuurman niet boos. “Ja, ik dacht al dat ik iets hoorde toen ik ‘s nachts even wakker werd, maar ik heb er niet wakker van gelegen,” was zijn reactie op mijn vraag hoeveel last hij van ons had gehad.

Ook mijn naaste buurvrouw vond mijn muzikale activiteiten prima. Eén keer vroeg ik haar of ze last van me had, en die ene keer verzekerde ze me dat ik wel hele dagen achter de piano mocht doorbrengen. Ze vond het zelfs mooi! Maar ook deze buurvrouw is inmiddels vertrokken en heeft plaats gemaakt voor een niet nader geïdentificeerde buur – in onze straat stelt niemand zich aan elkaar voor. Je kent elkaar gewoon, of niet, of je leert elkaar in de loop van de tijd wel kennen. Veel mag, maar vooral: niets moet. En je voorstellen als nieuwe buur al helemaal niet. Read the rest of this entry »