Archive for januari, 2009

You are currently browsing the Theefietslog archives for januari, 2009.


Vreemde gewaarwording

Het is een vreemde gewaarwording. Een half uur geleden was ik nog op een gezellig verjaardagsfeestje en over een half uur zit ik in een waarschijnlijk net zo gezellige bus. Maar de vreemdste gewaarwording is nog wel dat ik zondag, als alles meezit, mijn eerste skiles heb. Janneke op wintersport. Ik ben nog steeds niet helemaal gewend aan het idee, maar heb er wel ontzettend veel zin in. Laat de sneeuwpret maar komen!

De wedstrijd voorbij

“Dus je gaat de wedstrijd aan met je moeder,” zegt haar collega voor aanvang van de vormselviering. Mijn moeder, lerares aan een lagere school, vervult op deze zondagochtend de rol van dirigente van het schoolkoor en van haar beide pianospelende dochters heb ik deze keer de eer om het koor te begeleiden.

Ik begrijp de opmerking van de man niet en antwoord: “Muziek is toch geen wedstrijd? Muziek verbroedert juist, dat is het mooie aan muziek!”
“Dan heb jij zeker nooit naar Idols gekeken,” reageert een andere leerkracht droog.

Terwijl ik de minuten voorafgaand aan de mis volspeel met instrumentale versies van jongerenkoorliederen, denk ik na over die laatste opmerking. Natuurlijk speel ik niet tegen mijn moeder, ik speel met haar, wij werken samen. Mijn moeder, het koor en ik. En de docenten die af en toe een kind tot de orde roepen. Maar zelfs onder de kinderen is geen sprake van strijd.

De kinderen zingen enthousiast, de één zuiverder dan de ander. Er zijn zelfs enkele niet-katholieke leerlingen gekomen. Als er op de wereld maar één religie zou zijn, zou ze ‘muziek’ heten en er zou geen oorlog meer zijn.

Althans, voordat Idols bestond. Natuurlijk is kwaliteit belangrijk, maar muziek is meer dan dat. Muziek is gevoel en opeens werd mij duidelijk dat iedereen die zijn gevoel uit door middel van muziek, dat in mijn ogen gewoon moet blijven doen, wat een jury er ook over zou zeggen.

Dat sommige gevoelens beter privé kunnen worden gehouden, spreekt voor zich.

IJs

Stiekem heb ik elk jaar weer goede voornemens en natuurlijk zijn dat elk jaar dezelfde, die allemaal te maken hebben met gezonder leven. Elk jaar begin ik vol goede moed mijn leven aan die voornemens aan te passen, terwijl ik weet dat uiteindelijk alleen dat ene voornemen zal blijven hangen: genieten van het leven.

Vanavond heb ik genoten van het in de praktijk brengen van voornemen nummer achtendertig: meer bewegen. Al meer dan een week is het koud genoeg om te schaatsen, maar juist op die twee dagen dat ik tijd had en niet ziek was (voornemen nummer zevenentwintig, meer fruit eten, ten spijt, bracht ik afgelopen weekend anderhalve dag in bed door), was de ijschbaan gesloten. Het duurde dus tot dinsdag 6 januari, Driekoningen en de laatste dag waarop de midwinterhoorn geblazen mag worden, eer Janneke op het ijs stond.

Natuurlijk had ik broer en zus De Vries de eerste marathon op natuurijs zien winnen. Ik woon niet voor niets in Haaksbergen en ben er toch enigszins trots op dat mijn woonplaats niet alleen in verband met stroomstoringen in het nieuws komt. Overigens hadden we op zondag 28 december 2008, de dag van de marathon, ‘s middags zo’n twee uur geen electriciteit, en dat bewijst maar weer dat Haaksbergen en de plaatselijke ijsvereniging tot heel wat in staat zijn.

Hoe enthousiast ik ook raakte van het zien van de marathonschaatsers en het proeven van de sfeer, pas vanavond trok ik mijn eigen noren aan. U, vaste lezer, weet waarschijnlijk dat snelheid en lenigheid niet mijn sterkste eigenschappen zijn en ook mijn evenwicht werd op de proef gesteld. Na wat heen en weer krabbelen tussen peuters, kleuters en een enkeling die misschien al wél kon lezen – opeens zag ik voor me hoe mijn wintersportvakantie eruit gaat zien – besloot ik het te wagen op de echte baan.

Aangemoedigd door mijn zus – die bij haar geboorte alle sportgenen van mijn moeder heeft meegekregen, terwijl enkele van mijn vader voor mij bewaard bleven – krabbelde ik rondjes van vierhonderd meter per stuk. Eerst één, toen nog één en zo ging ik door, totdat ik er tien had geschaatst en het gevoel uit mijn voeten was verdwenen. Toen was ik een klein beetje trots op mezelf en vond ik het genoeg voor vanavond.

Het is 6 januari en voornemen nummer één staat nog steeds: ik, zomermens, heb vanavond genoten van de vrieskou.